“Minister van defensie Guttenberg afgetreden!“, prijkt op de voorpagina van Bild. Het boulevardblad bleef tot het bittere einde trouw aan de inmiddels afgetreden minister van defensie en drukte stukken uit zijn verklaring van 1 maart af, waarin hij zijn aftreden toelichtte. Na twee weken van controverse over het vermeende plagiaat bij zijn proefschrift verklaarde Karl-Theodor zu Guttenberg: “Ik ben bij de grenzen van mijn krachten beland (...). Dit is de pijnlijkste stap in mijn leven (...). Ik ben niet gekozen tot minister van zelfverdediging”. Daarmee is zu Guttenberg, die van adellijke afkomst is en als schoolvoorbeeld gold qua eerlijkheid en fatsoen, niet het slachtoffer geworden van de schandalen in het Duitse leger, maar ten prooi gevallen aan zijn eigen hoge eisen. “De grijze middelmaat die de touwtjes van de macht in handen heeft, de nijdassen” hebben “een van de grootste politieke talenten in Duitsland” ten val gebracht, aldus hoofdredacteur Kai Diekmann, “en daarmee de representatieve democratie nog verder van de mensen verwijderd". Overigens moet voor de volledigheid nog wel worden opgemerkt dat niet alle Duitse media het vertrek van Guttenberg betreuren. Zo kopt Tageszeitung: “Guttenberg is sneller dan Khadaffi“.
Een wijdverbreide overheidssector, almachtige vakbonden en een cliëntelistisch beleid: Griekse ondernemers hebben een waslijst met klachten. Maar nu zij hun productie naar het buitenland hebben verplaatst, het onderzoek hebben verwaarloosd en zich schuldig hebben gemaakt aan belastingontduiking, zouden zij zelf wel eens de eerste slachtoffers kunnen zijn van een mogelijk vertrek van Griekenland uit de eurozone.
Hoewel de Esten denken dat bij hen het internet helemaal ingeburgerd is, laten de statistieken zien dat slechts een derde van de bevolking een account op het beroemde sociale netwerk Facebook heeft. Want je privéleven moet wel privé blijven, vindt de rest.
De leider van het linkse verbond Syriza is de nieuwe hoop van de Griekse politiek. Met zijn koers die zich houdt tussen pragmatisme en klassenstrijd-retoriek maakt hij Berlijn onzeker, en bepaald niet alleen de voorstanders van het bezuinigingsbeleid van Angela Merkel.