"In 2010 overleden in Portugal 43 vrouwen door huiselijk geweld", alarmeert Público en publiceert op de voorpagina een lijst van vrouwen die afgelopen jaar door toedoen van hun echtgenoot of ex-man zijn overleden. In 2009 lag dit aantal een stuk lager, namelijk op 29 sterfgevallen. Het portugese dagblad noemt het fenomeen “destructief” en maakt een vergelijking met buurland Spanje waar huiselijk geweld (71 slachtoffers in 2010 voor een bevolking die 4,7 maal groter is) als een nationale ramp wordt beschouwd. In 2004 was dit voor de Spaanse regering zelfs aanleiding voor een speciale wet. Público legt uit dat bestaande structuren zoals opvang voor mishandelde vrouwen en speciale politiediensten niet voldoen om het geweld aan banden te leggen. De krant verklaart dat nieuwe generaties ‘gewoontes’ van oude generaties "erven", de meeste slachtoffers zijn namelijk niet ouder dan veertig jaar.
Een wijdverbreide overheidssector, almachtige vakbonden en een cliëntelistisch beleid: Griekse ondernemers hebben een waslijst met klachten. Maar nu zij hun productie naar het buitenland hebben verplaatst, het onderzoek hebben verwaarloosd en zich schuldig hebben gemaakt aan belastingontduiking, zouden zij zelf wel eens de eerste slachtoffers kunnen zijn van een mogelijk vertrek van Griekenland uit de eurozone.
Hoewel de Esten denken dat bij hen het internet helemaal ingeburgerd is, laten de statistieken zien dat slechts een derde van de bevolking een account op het beroemde sociale netwerk Facebook heeft. Want je privéleven moet wel privé blijven, vindt de rest.
De leider van het linkse verbond Syriza is de nieuwe hoop van de Griekse politiek. Met zijn koers die zich houdt tussen pragmatisme en klassenstrijd-retoriek maakt hij Berlijn onzeker, en bepaald niet alleen de voorstanders van het bezuinigingsbeleid van Angela Merkel.