"The long goodbye", kopt de Irish Independent. Met deze ironische toespeling op de zwarte filmklassieker over de hedonistische uitspattingen van Hollywood, stelt het Ierse dagblad dat de dagen van premier Brian Cowen aan het roer van de zinkende Ierse economie zijn "geteld". Vierentwintig uur nadat hij had bevestigd dat de voormalige Keltische Tijger voor noodsteun bij de EU en het IMF had aangeklopt, kondigde Cowen, geflankeerd door ministers, tijdens een persconferentie op 22 november aan dat er in het nieuwe jaar verkiezingen zullen worden gehouden. Hij zei echter ook dat hij eerst van plan was "het vierjarige begrotingsplan bekend te maken, de begroting met 6 miljard euro aan bezuinigingen en belastingen door het parlement te loodsen en de onderhandelingen met het IMF en de EU over de reddingsoperatie af te ronden". Cowen kan een opstand van parlementariërs verwachten nu de kleinste coalitiepartner, de Green Party, uit de regering wil stappen. "Ik voorspel dat het er morgen in het parlement bikkelhard aan toe zal gaan. Dat wordt oorlog, let maar op mijn woorden", zei een partijgenoot van de premier.
Een wijdverbreide overheidssector, almachtige vakbonden en een cliëntelistisch beleid: Griekse ondernemers hebben een waslijst met klachten. Maar nu zij hun productie naar het buitenland hebben verplaatst, het onderzoek hebben verwaarloosd en zich schuldig hebben gemaakt aan belastingontduiking, zouden zij zelf wel eens de eerste slachtoffers kunnen zijn van een mogelijk vertrek van Griekenland uit de eurozone.
Hoewel de Esten denken dat bij hen het internet helemaal ingeburgerd is, laten de statistieken zien dat slechts een derde van de bevolking een account op het beroemde sociale netwerk Facebook heeft. Want je privéleven moet wel privé blijven, vindt de rest.
De leider van het linkse verbond Syriza is de nieuwe hoop van de Griekse politiek. Met zijn koers die zich houdt tussen pragmatisme en klassenstrijd-retoriek maakt hij Berlijn onzeker, en bepaald niet alleen de voorstanders van het bezuinigingsbeleid van Angela Merkel.