“De ongelooflijk krimpende President”, kopt The Economist. Nog niet zo lang geleden beeldden het Britse weekblad Nicolas Sarkozy op het voorblad nog af als een nieuwe Napoleon, inmiddels is er van de man niet meer over dan een steek en een paar schoenen met hakken, volledig in de schaduw van zijn vrouw. In 2007 durfde “Sarkozy tegen de Fransen te zeggen wat ze niet wilden horen: dat ze meer moesten werken, grotere risico’s moesten nemen, meer moesten doen voor etnische minderheden en aardiger tegen Amerika moesten zijn.” Maar inmiddels, nu de Fransen demonstreren tegen zijn “bescheiden” pensioenshervorming, “is Sarkozy nog maar een schaduw van de economische hervormer die hij ooit was en verworden tot een karikatuur van de eens zo onbuigzame leider betreffende maatschappelijke zaken.”
De leider van het linkse verbond Syriza is de nieuwe hoop van de Griekse politiek. Met zijn koers die zich houdt tussen pragmatisme en klassenstrijd-retoriek maakt hij Berlijn onzeker, en bepaald niet alleen de voorstanders van het bezuinigingsbeleid van Angela Merkel.
De economische problemen van Europa hebben ons ertoe gedwongen de geheimzinnige Olympische wereld van de mondiale financiële sector te doorgronden. Maar is het nu, terwijl we zo graag de werking van markten en obligaties willen begrijpen, zelfs voor de financiële deskundigen niet eens meer duidelijk wat er precies aan de hand is?
Azerbeidzjan organiseert dit jaar het populaire liedjesfestijn Eurovisiesongfestival. Omdat het land niet bepaald een modeldemocratie is, klinkt er kritiek vanuit Europa. Net als vele anderen hekelt een Estse journalist de slappe houding jegens het regime in Bakoe.