Waarom komt de EU niet in actie?
“Dit raakt ons niet”, zo luidt de kop op de voorpagina van De Standaard, boven een foto van een Pakistaanse jongen die voor de helft onder de modder zit. Het dagblad buigt zich over de matige solidariteit van het Westen met betrekking tot de fatale overstromingen in Pakistan. Hulpverleningsorganisaties aarzelen met het opzetten van fondsenwervingscampagnes omdat de publieke opinie niet genoeg gemobiliseerd lijkt te zijn. “Grosso modo bepalen vier elementen of de publieke opinie in solidariteit omslaat”, aldus Koen Van den Broeck, consultant fondsenwerving in De Standaard: “het verrassingseffect, de omvang van de catastrofe, de verbondenheid met de getroffen bevolking en het tijdstip. Vandaag speelt er maar één in het voordeel van Pakistan: de omvang”.
Ook The Independent vraagt zich af “waarom men niet reageert op het drama in Pakistan”. De krant vergelijkt de bijna 40 miljoen euro die wereldwijd is opgehaald tijdens de eerste tien dagen van de ramp (minder dan een euro per slachtoffer) met de ruim 575 miljoen opgehaalde euro’s na de aardbeving in Haïti. Volgens de krant moet de oorzaak hiervan vooral in politieke hoek gezocht worden: de recente uitlatingen van de Britse premier David Cameron zouden er iets mee te maken hebben.
Pakistan terroristen exporteert”. Ook “de negatieve publiciteit rond de Pakistaanse president Asif Ali Zardari, die zijn bezoek aan Europa niet ontbrak om naar Pakistan terug te keren tijdens de ramp” hebben bijgedragen een de matige belangstelling. Volgens de krant is het daarom niet verrassend dat de getroffen bevolking zich tot (fundamentalistische) islamitische hulporganisaties wenden. De Hoge Vertegenwoordiger voor het Buitenlandbeleid van de EU, Catherine Ashton, heeft de ministers van Buitenlandse Zaken van de zevenentwintig lidstaten voorgesteld om op 11 september een hulpplan te bespreken voor Pakistan voor de lange termijn, zo valt te lezen in de EUobserver. Met zo’n hulpplan kan ook getracht worden de invloed van fundamentalistische islamitische hulporganisaties in het land te beperken.
Het Verdrag van Maastricht, dat op 7 februari 1992 werd ondertekend, verleende de Europese Commissie en haar ambtenaren ongekende bevoegdheden. Twintig jaar later blijkt de economie zwaarder te wegen dan de politiek en is hun droom aan diggelen gevallen. Bovendien fungeren zij ook nog eens als zondebok voor de crisis.
Sinds hun land onder strenge curatele van het trio IMF, EU en ECB staat, zetten de Portugezen noodgedwongen de tering naar de nering. Door de crisis moeten ze weliswaar elk dubbeltje omdraaien, maar ze worden ook gestimuleerd om op zoek te gaan naar creatieve oplossingen.
“Hitler”, “bezettingsmacht”, het is iedere keer hetzelfde liedje: Berlijn probeert zijn standpunt in de eurocrisis erdoor te drukken en wordt prompt overstelpt met vergelijkingen met de nazitijd. Het Duitse weekblad Die Zeit vraagt zich af hoe de Duitsers daarmee moeten omgaan.