Op de voorpagina van de Irish Times staat een weinig flateuze foto van Taoiseach (het Ierse woord voor premier) Brian Cowan die triest in de verte staart. De beeldredactie van het Dubliner dagblad suggereert vals dat hij zojuist de uitkomst van de meest recente poll over het referendum over het Verdrag van Lissabon moet hebben gelezen. Met nog maar één week te gaan is nog maar 48% van plan ‘ja’ te zeggen tegen het controversiële boekwerk van 296 pagina’s. Het percentage van hen die zeggen tegen ratificatie te stemmen is gestegen tot 33%. In een poging om iets positiefs te zeggen merkt de huidige leider op dat ”Aanhangers van Lissabon blij zullen zijn dat hun leider zijn poot heeft stijf gehouden”. Hoe dan ook heeft de impopulaire Brian Cowen, met een herrezen Declan Ganley aan het hoofd van het ‘nee-kamp’, het recht om somber te zijn. Ondanks steun van verschillende politieke partijen en een campagne die de Irish Times als ”krachtig” heeft bestempeld, hebben de pogingen van de Taoiseach om het verdrag doorgang te verlenen niet kunnen verhoeden dat 19% van de kiezers nog onbeslist is.
De leider van het linkse verbond Syriza is de nieuwe hoop van de Griekse politiek. Met zijn koers die zich houdt tussen pragmatisme en klassenstrijd-retoriek maakt hij Berlijn onzeker, en bepaald niet alleen de voorstanders van het bezuinigingsbeleid van Angela Merkel.
De economische problemen van Europa hebben ons ertoe gedwongen de geheimzinnige Olympische wereld van de mondiale financiële sector te doorgronden. Maar is het nu, terwijl we zo graag de werking van markten en obligaties willen begrijpen, zelfs voor de financiële deskundigen niet eens meer duidelijk wat er precies aan de hand is?
Azerbeidzjan organiseert dit jaar het populaire liedjesfestijn Eurovisiesongfestival. Omdat het land niet bepaald een modeldemocratie is, klinkt er kritiek vanuit Europa. Net als vele anderen hekelt een Estse journalist de slappe houding jegens het regime in Bakoe.