Afgelopen weekend werd in de Italiaanse stad Ferrare de vierde editie georganiseerd van het festival Internazionale. Bij de debatten die in dat kader werden gevoerd was er eentje gewijd aan de "winnaars van de crisis" in Europa. Tijdens de discussie somde een van de sprekers, een speciaal adviseur van de Europese Commissie, de lijst op van projecten van de EU in dit Europese jaar van de bestrijding van armoede en sociale uitsluiting – dat als toppunt van ironie in 2010 viel, annus horribilis voor de economie in Europa.Daarop antwoordde een Italiaanse econome, werkzaam in Londen, dat de Europese instellingen vooral goed zijn in het produceren van "parole, parole, parole", woorden die echter nooit worden gevolgd door daden. Deze bewering werd onthaald op een enorm applaus. We konden zelfs iemand "basta!" horen roepen.
Het wantrouwen ten opzichte van de traditionele politiek en de instellingen, die in hetzelfde tempo groeit naarmate de levensomstandigheden van Europeanen dalen als gevolg van de economische crisis en de bezuinigingsmaatregelen, wordt door de meeste commentatoren betiteld als ‘populisme’ en ‘antibeleid’. Een valkuil waar doorgaans lager opgeleide minderheidsgroeperingen binnen de bevolking in trappen, uit onwetendheid en als slachtoffer van het feit dat ze als gebruiksvoorwerp worden beschouwd.
Het feit dat een publiek, dat wordt gevormd door personen die duidelijk hoger opgeleid zijn dan het gemiddelde, blijk zou hebben gegeven van dergelijke sentimenten is een signaal dat tot nadenken zou moeten stemmen.
Volgens de definitie van Daniele Albertazzi en Duncan McDonnell wordt onder populisme verstaan "de ideologie die een deugdzaam volk tegenover een reeks elites plaatst die hen hun rechten, normen en waarden, welvaart en stem ontzegt". Na de economische crisis, die het leven van miljoenen Europeanen overhoop heeft gehaald, behalve dat van de elites, die aan het ontstaan van de crisis hebben bijgedragen, lijkt dit beeld op verontrustende wijze op de werkelijkheid, zoals in Ierland, waar de redding van de Anglo Irish Bank een vijfde kost van de welvaart die de Ieren in een jaar kunnen produceren.
Alain Touraine signaleerde het onlangs al, de kloof tussen arm en rijk wordt groter en vormt momenteel de grootste bedreiging voor de stabiliteit en de cohesie van de EU en haar lidstaten. De volkspartijen, die in de hele EU in opkomst zijn, vormen daarop een slecht antwoord. Toch kunnen de vragen die ze stellen niet van tafel worden geveegd, net zo min als hun aanvechtbare opvattingen.
De leider van het linkse verbond Syriza is de nieuwe hoop van de Griekse politiek. Met zijn koers die zich houdt tussen pragmatisme en klassenstrijd-retoriek maakt hij Berlijn onzeker, en bepaald niet alleen de voorstanders van het bezuinigingsbeleid van Angela Merkel.
De economische problemen van Europa hebben ons ertoe gedwongen de geheimzinnige Olympische wereld van de mondiale financiële sector te doorgronden. Maar is het nu, terwijl we zo graag de werking van markten en obligaties willen begrijpen, zelfs voor de financiële deskundigen niet eens meer duidelijk wat er precies aan de hand is?
Azerbeidzjan organiseert dit jaar het populaire liedjesfestijn Eurovisiesongfestival. Omdat het land niet bepaald een modeldemocratie is, klinkt er kritiek vanuit Europa. Net als vele anderen hekelt een Estse journalist de slappe houding jegens het regime in Bakoe.