Het nieuwe reddingsplan voor Griekenland heeft de kredietbeoordelaars niet gerustgesteld. Drie dagen naar de eurotop werd de kredietwaardigheid van het land namelijk weer naar beneden bijgesteld. De Grieken moeten een nieuwe methode aanwenden om uit de problemen te komen, stelt een Griekse columnist.

Er wordt wel eens beweerd dat wonderen maar drie dagen duren. Dat lijkt te kloppen, want nauwelijks drie dagen na de Europese top worden we door de kredietbeoordelaars levend gevild [Moody’s gaf Griekenland een nieuwe afwaardering, red.].

U zult zeggen dat dit te verwachten was. Een voor de hand liggende reactie die er in feite niet meer toe doet. De besluiten die op de topconferentie zijn genomen, zullen hoe dan ook inhoudelijk en op de lange termijn worden beoordeeld en niet op een achternamiddag in de zomer.

Toch wil ik hier drie kanttekeningen plaatsen

In de eerste plaats zijn de besluiten van de Europese top glashelder en positief als het gaat om de aanpak van de soevereine schuld en de hulp aan Griekenland door toekenning van een extra lening. Dat geeft wat lucht om zo te zeggen.

Ten tweede moet worden aangetekend dat de plannen uiterst vaag zijn voor wat betreft de verlaging van de Griekse schuld, die binnen een halfjaar het duizelingwekkende niveau van 162 procent van het bnp zou overschrijden.

In dit stadium is dat allemaal nog onduidelijk, omdat er geen andere mogelijkheid was. Om de schuld te verlagen is gekozen voor 'vrijwillige deelname' van de banken, maar niemand kan voorspellen hoe vrijgevig iedereen zal blijken te zijn.

Ten derde zullen de inspanningen van de Grieken (in voor- en tegenspoed) in laatste instantie worden beoordeeld door de internationale markten, waarop we in 2014 hopen te lenen, zo verklaarde minister van Financiën Evangelos Venizelos. De interactie tussen markten en kredietbeoordelaars is echter welbekend en ligt verankerd in het systeem.

Het recept blijft dus: ontwikkeling, ontwikkeling, ontwikkeling

Het lijdt dan ook geen twijfel dat de zwaarte van de schuld door de algemene crisis en de onmogelijkheid ermee te leven aanzienlijk zullen toenemen. Maar hoe moet de schuld worden verlaagd om er wel mee te kunnen leven?

The Wall Street Journal berekende vlak na de Europese top dat de schuld lager zou uitvallen dan 100 procent van het bnp. Deze schatting is des te belangrijker omdat die krant grote invloed heeft op de markten en de kredietbeoordelaars.  

We hebben het hier dus wel over een verlaging in de orde van grootte van 135 à 140 miljard euro, die op geen enkele manier kan komen van vrijwillige deelname van de banken. Het is belachelijk om van die mogelijkheid uit te gaan!

Maar waarvan dan wel? Van ontwikkeling! Als het bnp verhoudingsgewijs wordt verhoogd, zal de schuldenlast drastisch omlaag gaan.

Het recept blijft dus: ontwikkeling, ontwikkeling, ontwikkeling… een andere manier, een andere oplossing is er niet.

Ik hoop dan ook dat het Marshallplan van Brussel uiteindelijk niet zal lijken op die investeerders die iedere zomer opduiken om het voetbalteam van PAOK Saloniki op te kopen en dan ten slotte weer vertrekken zonder een cent te investeren.