Debat: Als Leviathan bestaat, dan leeft hij in Brussel
25 maart 2011
Frankfurter Allgemeine Zeitung
Frankfurt

Het Berlaymontgebouw, het hoofdkantoor van de Europese Commissie in Brussel.
In Brussel huist een bureaucratisch monster. De Duitse essayist Hans Magnus Enzensberger heeft het geanalyseerd en roept alle Europeanen op om de strijd met dit beest aan te binden.
Terwijl de bevolking in de Arabische wereld in opstand komt en roept om zelfbeschikking en democratie, verzandt Europa in een dictatuur. De Europese democratische tradities worden uitgehold en tenietgedaan, de burgers gekoeioneerd en betutteld. De macht die het volk aan zijn vertegenwoordigers heeft gedelegeerd is in het geniep echter veel groter geworden, heeft zich teruggetrokken op een ontoegankelijke plek waar niemand ooit een blik op heeft geworpen.
Niemand weet wie er werkelijk aan de macht is, waar de lijnen samenkomen en door wie ze met welk doel worden opgesteld. Er worden wetten en verordeningen uitgevaardigd, maar de bewoners van de oude wereld begrijpen de inhoud daarvan niet meer. Je zou haast denken dat er ongemerkt een heel volk van buitenaardse wezens op aarde is geland en begonnen is met het onderwerpen van Europa, misschien wel omdat deze wezens daar bijzonder goed gedijen. Het is het volk der technocraten.
Auteur wil Europese augiasstal niet uitmesten
Nee, het gaat niet om een dystopische roman, waarin dit plot van de onderwerping van Europa door een anonieme macht zich ontvouwt, maar een essay. Het gaat dus niet om fictie, maar om een tekst waarbij het onderwerp aan de realiteit wordt ontleend om het te beschrijven en te analyseren. De auteur is geen Hercules die zichzelf als taak had opgelegd om de Europese augiasstal uit te mesten. Het enige wat de auteur wil doen is de runderen in de stal wakker schudden. Hun aantal is echter groot: het zijn er circa vijfhonderd miljoen.
Dat is namelijk het aantal burgers dat momenteel in de Europese Unie woont. Ieder van hen zou de tijd moeten nemen om de bijna zeventig pagina's te lezen die Hans Magnus Enzensberger nu onder de titel Sanftes Monster Brüssel oder Die Entmündigung Europas [In het Nederlands vertaald onder de titel: Het zachte monster Brussel of Europa in de klem, uitgegeven door Uitgeverij Cossee, red.] heeft gepubliceerd. Dit essay is het Duitse antwoord op het Franse pamflet van Stéphane Hessels, Neem het niet!, dat in het vaderland van de 93-jarige Fransman een miljoenenoplage heeft behaald. Ook Enzensberger doelt op opstand en wil mensen wakker schudden, maar hij gebruikt daarvoor argumenten in plaats van opgewonden grote gebaren.
Enzensberger heeft grondig onderzoek gedaan. Geduldig somt hij de feiten op en rijgt aanwijzing aan aanwijzing, alsof hij een strafzaak ontrafelt. Hij wil niet zomaar tegen de EU polemiseren, maar zich ontdoen van een monster dat als gevolg van zijn machtswellust onophoudelijk voort dendert. Dit monster heeft een geschiedenis die bijna niemand kent.
Eerbetoon aan zes decennia
Enzensberger begint met de onbetwistbare zegeningen van het Europese eenwordingsproces. Er volgt een eerbetoon aan zes decennia, bijna een hele generatie, zonder oorlog, met meer faciliteiten om te reizen, het recht op vrije vestiging, met optreden tegen “kartels, monopolies en protectionistische trucs”. Daarna gaat hij verder in op de "officiële terminologie" van een “geschiedenisloze” EU, die haar hoogste ambtenaren met 'commissaris' aanduidt, alsof er in de Europese geschiedenis geen volkscommissarissen in de voormalige Sovjet-Unie hebben bestaan of rijkscommissarissen van de nationaalsocialisten in Duitsland.
Vervolgens beschrijft hij structuur en aanpak van de commissies, die bijvoorbeeld grenswaarden voorschrijven voor het werken met persluchthamers voor "trillingen aan handen, armen en lichaam", de minimale lengte van Europese condooms vastleggen en voortaan van ons eisen dat we bij elke eenvoudige bankoverschrijving een cijfercombinatie van 33 tot 42 cijfers gaan gebruiken. Vanaf 2013 moeten BIC en IBAN namelijk ook verplicht worden toegepast bij overschrijvingen binnen het eigen land. Dat laatste gegeven levert bijvoorbeeld op het kleine Malta al 31 cijfers op, zodat er voor de circa vierhonderdduizend inwoners van Malta “3.100.000.000.000.000.000.000.000.000.000 verschillende rekeningnummers ter beschikking staan, die nog verder moeten worden verfijnd en gepreciseerd door tien miljard BIC- nummers”.
Overduidelijke onzin
Het is nogal makkelijk om de spot te drijven met deze overduidelijke onzin, die in naam van Europa door hele legers van over het algemeen zeer goed betaalde ambtenaren wordt uitgebroed. Maar het is bijna onmogelijk om je weg te vinden in de jungle van commissies, secretariaten, directoraten en talloze andere instanties en organen, die volgens goede Kakanische traditie (ontleend aan Robert Musil) in Brussel of Luxemburg gevestigd zijn en zich daar heb ontwikkeld. Wie kent bijvoorbeeld de EU-OSHA, wier taken op het terrein van veiligheid en gezondheid op het werk liggen? Dit EU-agentschap telt 64 medewerkers, wier werkzaamheden door 84 raden van beheer wordt gecontroleerd. Zijn er nog vragen?
Eerst is het nog wel vermakelijk om je een voorstelling te maken van de uitwassen van een ontketende Brusselse bureaucratie, maar het maakt je al snel murw. Daarmee is bovendien nog niet veel gewonnen. Daarom duikt dit pamflet ook verder de diepte in. Het gaat Enzensberger om het gebrek aan legitimatie van een machtsapparaat dat voor Europese burgers en in hun naam wetten en voorschriften opstelt, die vandaag de dag waarschijnlijk zo'n honderdvijftigduizend pagina's vullen, maar zich absoluut niets lijken aan te trekken van de principiële vaste bezigheden volgens de eigen grondwet, zoals steeds weer blijkt uit de manier waarop er wordt omgegaan met het Stabiliteits- en Groeipact.
De centrale these van Enzensberger is gericht op het precaire inzicht in democratie van de Europese Unie, die in de roes van de regulering steeds sterkere autoritaire trekjes ontwikkelt. Net als Robert Menasse [Oostenrijkse essayist, red.] werpt hij tot slot de vraag op of de klassieke democratie naar Brussels inzicht nog een plicht vormt of nog slechts als hindernis wordt beschouwd, die door vlijtig werken uit de weg moet worden geruimd. De Europese Unie is hard op weg haar burgers onder curatele te stellen. Wij, Europeanen, zijn de enigen die de EU daarvan kunnen weerhouden.