Politiek Lidstaten

Hongarije: Persvrijheid verdwenen, maar niet vernietigd

3 januari 2011
Népszabadság Budapest

Vlahovic

Op 1 januari, de dag waarop Boedapest het halfjaarlijkse voorzitterschap van de EU heeft overgenomen, is in Hongarije de nieuwe mediawet in werking getreden. In heel Europa klonken protesten tegen deze wet en ook de onafhankelijke Hongaarse pers verzet zich ertegen, zoals dit hoofdartikel van Népszabadság laat zien.

Op de voorpagina van het Hongaarse dagblad Népszabadság van vandaag zet de redactie haar standpunt uiteen: "Met de inwerkingtreding van de nieuwe mediawet [op 1 januari, red.] is het afgelopen met de persvrijheid in Hongarije. Wij zeggen dit ook in de overige 22 officiële talen van de Unie, zodat het voor iedereen duidelijk is. Dit is een zeer ernstige bewering – onze krant heeft de afgelopen twintig jaar nog niet zoiets ernstigs gemeld – en een protestmiddel dat wij nog nooit hebben ingezet. Onze aanpak vraagt om een toelichting. Wij zijn ervan overtuigd dat deze mediawet, ondanks alle ontkenningen, in feite gebruikt wordt voor de autoritaire plannen van de coalitieregering van Fidesz-KDNP [waarin de centrumrechtse partij van premier Viktor Orbán en de Christendemocratische Volkspartij zitting hebben en die sinds april 2010 aan de macht is, red.]. De wet schept namelijk de voorwaarden om iedereen die het niet met de regering eens is, te beteugelen, te bestraffen en – op termijn – uit te schakelen.

Op dit moment wordt ons van alle kanten verzekerd dat de geplande geldboetes op een weldoordachte manier zullen worden opgelegd. [Deze boetes kunnen uiteenlopen van 5 miljoen forint, oftewel achtienduizend euro, voor een verslaggever, tot 25 miljoen forint, oftewel 89.700 euro, voor de krant zelf, bij herhaaldelijke overtreding, red.]. Zo heeft een van de bewindslieden van de Fidesz-partij op Cultuur gesuggereerd (zonder dit te bevestigen) dat geen enkele krant zal worden bestraft vanwege zijn politieke opinies. Maar als het hier om een misverstand gaat, en als je kijkt naar de internationale protesten, op een schaal die niet eerder in de geschiedenis van Hongarije is voorgekomen, dan is het de vraag waarom deze paragraaf van de wet niet is geschrapt.

Zoals het er nu voorstaat kunnen de vijf leden van de Mediaraad, die uitsluitend is samengesteld uit prominenten van Fidesz, een redactie een boete opleggen onder ieder willekeurig voorwendsel: bijvoorbeeld omdat ze vinden dat een artikel niet objectief is of omdat het hun niet aanstaat wat wij over een van hun partijgenoten schrijven, ook al is het de waarheid. De krant kan naar de rechter stappen met het verzoek de straf op te schorten en kan zijn onschuld kenbaar maken. Maar op welke gronden zal de rechter tot deze opschorting besluiten? Dat weten we niet. Ofwel hij schort de zaak op, ofwel hij doet dit niet. Het gaat in alle gevallen om ontoelaatbare keuzes: hetzij de Mediaraad past deze maatregelen toe, hetzij hij past ze niet toe; de Mediaraad kan een krant bestraffen met een boete die het blad fataal kan worden, maar hij kan het ook niet doen. Dit is een te magere garantie, in een land waar tot op heden vrijwel iedereen die schade leed door de pers een schadeloosstelling kon krijgen.

Daar was geen enkele speciale instantie voor nodig. En ook geen ombudsman voor de media, die zich voortaan moet beroepen op de enige voorzitter van de Mediaraad en die naar eigen goeddunken procedures in gang kan zetten tegen een bepaalde redactie: als hij daar zin in heeft, kan hij een document opvragen, en als hij dit niet krijgt, dan kan er een boete van 50 miljoen forint worden opgelegd [de Mediaraad kan bovendien van de media eisen dat zij hun bronnen onthullen en heeft het recht om huiszoeking te verrichten, red.]. Hij kan een proces aanspannen, maar hij kan het ook níet doen. Hij kan een boete opleggen, maar hij kan het ook níet doen. Waarom wordt er in de mediawet zo veel speelruimte gelaten, behalve om ervan te profiteren? En als je ervan kunt profiteren, waarom zou je dat dan niet doen? Deze bepalingen vormen een zwaard van Damocles dat de kranten boven het hoofd hangt. Toch moeten degenen die verslag willen doen van de huidige realiteit respect afdwingen. Want de regering schotelt ons immers een wereld voor die tot in de puntjes gedefinieerd is door de gemuilkorfde publieke media: in deze wereld heersen orde en veiligheid, komt men op voor de pensioenen, en is Pál Schmitt [de president van Hongarije, red.] de meeste onafhankelijke persoon die er bestaat; en wat deze mediawet betreft: die is "volledig in overeenstemming met de Europese regelgeving". Wij, daarentegen, wij willen verslag blijven uitbrengen van de wereld waarin we leven. Daar houden we absoluut aan vast. Ook al betekent dit dat we maar één bericht op de voorpagina plaatsen, als dat van essentieel belang is: in Hongarije is de persvrijheid verdwenen. Maar ze zullen er niet in slagen de persvrijheid te vernietigen."