Cultuur & debat Debat

Tien gedachten over Europa | 5: E-u-r-o-p-a

28 december 2010
Presseurop Parijs, Rome, Warschau, Lissabon

Terwijl de beurskoersen omhoog schoten werden er in heel Europa koeien verbrand. In dit korte verhaal geeft de Portugese schrijver Gonçalo Tavares zijn visie op een primitief Europa. Volgens hem is het tijd om de werkelijke waarde van de dingende in beschouwing te nemen en af te zien van de cultus van de waardepapieren.

De literatuur is niet dichter bij de politiek gekomen; de politiek is de wereld van de taal binnengedrongen – ze is er binnengedrongen en niet meer weggegaan. En met de Europese politiek ook de economie. Op deze terreinen gaat het allang niet meer om het verplaatsen van materiële zaken of om besluiten die ingrijpen in het plantenrijk (gelasten om al of niet bomen te kappen), het dierenrijk of het mensenrijk. Tegenwoordig wordt bijna alles besloten op het vlak van de tekens (cijfers en letters), hetgeen ons terugvoert naar de wereld van het kind: in Europa geloven wij dat tekens op een stuk papier niet zomaar tekens zijn, maar het verschil maken tussen rijkdom en armoede.

De oude scheiding tussen tekens en dingen. De beroemde zin “het woord HOND bijt niet”: als wij onze vingers op de H, de O of de N leggen, lopen we geen gevaar en blijven onze vingers heel; de H en de O bijten niet – een oude les uit de taalkunde. Het was dit onderscheid dat de moderniteit inluidde. De primitieve volken geloofden er niet in; zij geloofden niet in twee gescheiden werelden. Voor de primitieve mens waren tekens al dingen. Een tekening van een hert was geen tekening van een hert; het wás het hert. Er was geen verschil.

In zekere zin heeft Europa – sinds een aantal decennia – zijn primitieve kant benadrukt. Europa is weer in magie gaan geloven. Vrijwel de hele economie speelt zich tegenwoordig af in een abstracte wereld, in de wereld van cijfers en letters – en niet in de wereld van materiële zaken met volume. Want dat was de oude economie: twee koeien die werden geruild voor duizend kippen; fabrieken en machines, bomen die werden gekocht of verkocht.

Europa is veranderd in een 'nieuw primitief continent'

Maar beetje bij beetje zijn de levende elementen en de vierkante meters van het toneel verdwenen. Wat overbleef waren papieren met tekens en getallen, en zo is Europa veranderd in een ‘nieuw primitief continent’ waar de mensen hetzelfde gedrag zijn gaan vertonen als de Amazonestammen, die tekens en werkelijkheid door elkaar haalden en geloofden dat de letter A of een tekening hen kon vermorzelen of verdoemen.

Als wij op een vel papier “dit papier is honderdduizend euro waard” schrijven, dan gaan wij echt niet geloven dat dit papier, dat eerst nog een wit blaadje was, voortaan 100.000 euro waard is. Maar als wij enigszins afstand nemen, dan zien we dat de economische neergang waar wij momenteel getuige van zijn, voor een deel te wijten is aan een vergelijkbaar proces, op grote schaal.

Want de abstracte economie heeft zich verplaatst naar het terrein van het geloof. Iemand die in het bezit is van een papier dat geformaliseerd is door een bepaald symbool of zegel (wederom tekens) van een financiële instelling, gelooft dat dit papier – als we bijvoorbeeld aan aandelen denken – de ene dag twee euro waard is, de volgende dag anderhalve euro en de week erop drie euro. Voor een buitenstaander die er absoluut niets van begrijpt zijn deze waardestijgingen en -dalingen van aandelen een nog vreemdere zaak. Het gaat hier niet alleen om een vast geloof in een teken, zoals met het geloof van de primitieven het geval was. Tegenwoordig gaat het om een fluctuerend geloof – dat iedere dag een andere materiële waarde aan een bepaald teken toekent.

Het meest absurde is wel dat het geloof in het abstracte – deze terugkeer naar het primitieve denken waarvan de hedendaagse wereld doortrokken is – vergezeld is gegaan van een ongekende vernietiging van concrete materie. Er zijn koeien afgemaakt en boten gesloopt in Europa, bouwland raakte verwilderd en machines zijn vernietigd of noodgedwongen stilgelegd, omdat de productie niet boven een bepaald quotum mocht uitkomen. Jaar in jaar uit zijn deze twee processen gelijk opgegaan: vernietiging van zaken die volume innamen in de wereld en toename van papieren zonder volume die symbool stonden voor rijkdom. In feite geloofde men dat rijkdom in de tekens besloten lag en dat koeien, boten of vierkante meters weliswaar een rijkdom vertegenwoordigden, maar een rijkdom uit het verleden die achterhaald en ondoelmatig was. Een rijkdom die niet hygiënisch was, zou je kunnen zeggen.

We staan voor een geloofsverandering

En jarenlang werden er her en der papieren uitgewisseld. Velletjes A4-, A5- of A6 die van hand tot hand gingen, en bij iedere overdracht leken deze A4-tjes als bij toverslag in waarde toe te nemen. Als een magisch stokje dat werd doorgegeven: persoon A droeg een papier over aan persoon B, die het doorgaf aan persoon C, die het weer doorgaf aan persoon D. De laatste in de rij geloofde uiteindelijk dat het papier dat hij gekregen had, op dat moment duizend keer zoveel waard was als in het begin.

Het lijdt geen twijfel dat de crisis in Europa vele oorzaken heeft, maar een deel van het probleem ligt in het feit dat wij momenteel voor een geloofsverandering staan. De ‘kerk van het abstracte’, het geloof in papier dat geld waard is, lijkt een doodlopende weg te hebben ingeslagen, en het aantal gelovigen loopt terug – sommigen verlaten deze kerk vrijwillig, anderen met tegenzin, maar bovenal op tragische wijze. En nu dit geloof op zijn eind loopt, komen wij misschien weer terug bij een ander geloof. Zo lijkt de moderne 'kerk van het concrete' de sterke positie die zij ooit had, iedere dag meer te herwinnen – het geloof in dat wat materie is: het geloof in koeien, boten, bouwland en machines – het is weer terug. (En zullen wij het ooit meemaken dat de waardepapieren worden vernietigd?)

Europa heeft veel vooruitgang geboekt, in technologisch opzicht en op andere vlakken. Maar als de Europeanen niet nat willen worden, dan hebben ze iets concreets nodig om tussen hun lichaam en de hemel te plaatsen. We kunnen niet schuilen in de tekening van een huis. En daarom lijkt Europa nu zowel vooruit als achteruit te gaan. Wat het probeert te doen is niet gemakkelijk: Europa wil de primitieve wereld achter zich laten en opnieuw naar de oude moderniteit terugkeren. Waar het om gaat, is dat wij weer materialistisch moeten worden, in de oorspronkelijke betekenis van het woord. Het oude materialisme waarvan de koeien – zwaar en bedaard – een goed voorbeeld zijn: hun waarde is hun gewicht – en zo is het goed.