Maatschappij Debat

Eurocrisis: Bieden de rijken de laatste redding?

17 augustus 2012
Der Tagesspiegel Berlijn

Ajubel

Frankrijk, Spanje, Italië en wellicht ook Duitsland willen de rijken meer laten betalen om de door schulden geplaagde economieën te ontlasten. Dat zou een heldendaad zijn, meent Tagesspiegel, omdat die rijken medeverantwoordelijk zijn voor de crisis.

Ieder jaar opnieuw eist SPD-leider Sigmar Gabriel samen met de vakbonden hogere belastingen voor de rijken, omdat de lasten van de crisis eerlijker moeten worden verdeeld. Gabriel noemt dit ‘sociaal patriottisme’. Prompt nemen de Christendemocratische Unie en de liberalen van de FDP de welgestelden in bescherming door dit te bestempelen als een 'idee uit de mottenballenkist' van het socialisme.

Daarom lijkt het debat nu slechts een saaie reprise van een oud verkiezingsliedje.

Maar die indruk is misleidend. De ongelijkheid van inkomens en vermogens die sinds jaren groeiende zijn, is al heel lang geen kwestie van gerechtigheid meer. Feitelijk is het een van de grondoorzaken van de huidige banken- en schuldencrises. Omdat steeds meer vermogen bij een kleine minderheid terechtkomt, zorgt een groeiend deel van het bruto binnenlands product niet langer voor vraag naar goederen en diensten, maar alleen nog voor vraag naar nieuwe beleggingsobjecten.

Daarom hebben de Europese welgestelden hun geld in goed renderende bank-, vastgoed- en staatsobligaties uit Ierland, Portugal, Griekenland en Spanje gestoken. Op die manier hebben zij enorme, mislukte investeringen gefinancierd in leegstaande woningen en kantoren, ongebruikte autosnelwegen of overbodige bewapeningsprojecten, die deze landen nooit op eigen kracht hadden kunnen bewerkstelligen.

Privé-vermogens veel hoger dan de staatsschulden

In de kern van de zaak dienen de overbruggingskredieten uit het Europese noodfonds er louter toe deze landen en hun banken solvabel te houden, zodat zij hun schulden bij deze beleggers kunnen aflossen. Het zijn dus niet de Duitsers (of de Nederlanders, de Finnen, enz.) die de Grieken, Ieren of Spanjaarden redden, het is de belastingbetalende Europese middenklasse die het vermogen van de Europese rijken redt.

Tegelijkertijd dragen deze rijken erbarmelijk weinig bij aan de financiering van de staatsbegrotingen. De eurolanden hebben weliswaar een muntunie geschapen, maar geen gemeenschappelijk belastingbeleid tot stand kunnen brengen. In plaats daarvan zijn ze verstrikt geraakt in een belastingverlagingswedloop om kapitaal aan te trekken. Als gevolg hiervan zijn de belastingen op de kapitaalwinsten naar een zeer laag niveau gedaald, terwijl de particuliere vermogens in heel Europa tot twee à drie maal de omvang van de staatsschulden zijn aangezwollen.

Het 'reddingsbeleid' moet gecorrigeerd worden

Om deze redenen moeten de welgestelden bijdragen in de kosten van de mislukte beleggingen. Maar voor de verkiezingsstrijd op nationale schaal is dit thema veel te belangrijk. In plaats daarvan is het zaak eindelijk eens op de correctie van het verkeerde 'reddingsbeleid' aan te dringen.

Tot nu toe hebben de schuldeisers van de Europese Unie in de crisislanden louter bezuinigingen op de sociale voorzieningen en belastingverhogingen op kosten van de middenklasse kunnen afdwingen. De Griekse reders, de Ierse vastgoedmagnaten en de Spaanse superrijken betalen intussen bijna geen belasting, of brengen hun geld onder in belastingparadijzen.

Het bestrijden van deze misstanden zou de eerste prioriteit van de redders van de euro moeten zijn. Zo zouden zelfs de functionarissen van de zo gehate Trojka nog tot Europese helden kunnen uitgroeien.

Vertaald uit het Duits door Menno Grootveld