Politiek Lidstaten

Griekenland: IMF, nee bedankt!

21 april 2010
To Vima Athene

De hulp van het IMF is onmisbaar om de Griekse staatsschuld te verlagen, maar zou wel eens nadelig kunnen uitpakken.

De hulp van het IMF is onmisbaar om de Griekse staatsschuld te verlagen, maar zou wel eens nadelig kunnen uitpakken.

Xavier Bonghi

De gesprekken tussen Athene, de EU en het Internationaal Monetair Fonds zijn op 21 april begonnen. Maar de Grieken vrezen steeds meer voor de voorwaarden die hun eventueel opgelegd worden om hen te helpen hun financiën weer op orde te krijgen. Een voorbeeld met dit hoofdartikel van het Griekse dagblad To Vima.

43 jaar geleden [op 21 april 1967] werd de Helleense Republiek door kolonels ten val gebracht waarna het land zeven jaar lang in duisternis was gedompeld.

Deze trieste verjaardag vindt plaats op de dag waarop de historische onderhandelingen beginnen met de junta van het Internationaal Monetair Fonds om de grote problemen van het land op te lossen.  Toentertijd deden de kolonels zich voor als de "redders van de natie" met tanks. Nu dragen ze de grijze kostuums van de universiteit van Chicago en komen ze om hun voorwaarden op te leggen en de soevereiniteit en de politieke autoriteit van Griekenland af te schaffen, en indirect ook die van het Griekse volk. U denkt misschien dat ik overdrijf, maar er is geen andere vergelijking mogelijk. Over een paar jaar zal de hele wereld zich deze dag herinneren als een dag van nationale rouw.

De onderhandelingen zijn vanmorgen begonnen [in Athene] en een groot deel ervan wordt besteed aan de vraag hoe het economische beleid er moet uitzien. Alles wijst erop dat de Griekse partij al bij voorbaat verloren heeft. Ze handelt onder verstikkende druk, staat met de rug tegen de muur en heeft niet veel keus of mogelijkheden tot verzet. Haar geloofwaardigheid heeft een des te grotere knauw gekregen daar de autoriteiten in de komende dagen aan zullen kondigen dat het tekort over 2009 13,5% van het BBP bedraagt, en dat hun onderhandelingskracht afgezwakt zal zijn.

Daartegenover beschikt Griekenland over monsters van het neoliberalisme. Experts van dertig jaar oud die zijn opgegroeid in de jaren van euforie en macht van de markten, die geen erg realistische kijk op het leven en de sociale behoeften hebben, en die eisen dat de Griekse minister van Financiën, George Papaconstantinou, en zijn onderhandelingsteam hemel en aarde bewegen. Zij zullen het ergste eisen, van het opheffen van collectieve arbeidsovereenkomsten tot de afschaffing van restricties bij ontslagen, via het drastisch inkrimpen van het aantal ambtenaren, het openstellen van alle markten en een radicale wijziging van het sociale zekerheidsstelsel. En aangezien er geen sociale weerstand is – gezien de conjunctuur – zal het resultaat van de onderhandelingen waarschijnlijk partijdig zijn en kunnen de opgelegde voorwaarden een breuk veroorzaken in de relaties tussen politiek en volk.

Dit alles is betreurenswaardig en ik vraag me af hoe de postdictatoriale dagen vol hoop en creativiteit ertoe hebben kunnen leiden dat ons dit nu overkomt.