Röyksopp, Sondre Lerche, Kings of Convenience: in het regenachtige Bergen (Noorwegen) zijn veel muziekbands doorgebroken. Een reputatie waardoor Bergen zich profileert als een onafhankelijke havenstad.

De inwoners van Bergen zien hun stad als een kleine republiek binnen Noorwegen. Als de houten huisjes met hun pasteltinten 's avonds in het donker worden gehuld en het buiten pijpenstelen regent, treffen de Bergense jongeren elkaar in de kroeg en vieren ze feest. En het eindigt er altijd mee dat ze in koor scanderen: "Ber-gen onaf-han-kelijk! Ber-gen onaf-han-kelijk!"

Want zij denken dat Bergen zichzelf wel kan redden. In ieder geval op muzikaal gebied. Dat heeft de stad de laatste tijd wel laten zien. Sinds de beginjaren van deze eeuw blijkt deze druilerige stad in het hoge Noorden namelijk de plek bij uitstek te zijn voor de Noorse alternatieve muziek. Zo zijn wereldsterren als Röyksopp, Kings of Convenience en Sondre Lerche hun muzikale loopbaan begonnen in de clubs van deze Scandinavische stad waar het zo vaak regent.

Loddefjord, veel criminaliteit maar een vruchtbare muziekscene

"Wij staan er in Noorwegen om bekend dat we nogal zelfverzekerd zijn, en we zijn ontzettend trots op onze stad – het is bijna gênant. Maar in deze tijd is het echt een voordeel als je uit Bergen komt", vertelt Marius Bembo. Samen met vier jeugdvrienden heeft hij in de zomer van 2009 het festival Alle til Loddefjord ["Allemaal naar Loddefjord"] opgericht. Hier treden groepen op uit de voorsteden van Bergen, waar Marius en zijn vrienden zelf ook zijn opgegroeid.

Het festival is een groot succes en heeft eraan bijgedragen dat een wijk die tot dan toe vooral bekend stond als een naargeestig oord, positief in de belangstelling kwam. Loddefjord is namelijk een van die voorsteden waar tussen de eindeloze rijen grauw beton altijd een verveelde sfeer hangt en waar het criminaliteitspercentage hoger ligt dan in de rest van het land. De armste mensen van Bergen wonen in Loddefjord. Dit is de plek waar volop drugs en alcohol worden gebruikt. En dit is ook de plek waar jongeren leerproblemen hebben en waar alle immigranten wonen. Desondanks, of misschien juist dankzij dit alles, heeft Loddefjord een paar van de meest interessante talenten van de Noorse muziekscene voortgebracht: de jonge rapper Lars Vaular, de rockgroep Fjorden Baby en John Olav Nilsen. Nilsen gold aanvankelijk als de beste liedjeszanger van Bergen, en heeft daarna in korte tijd zijn eigen band, John Olav Nilsen & Gjengen, opgericht. De groep stond al snel bovenaan de hitlijsten en wist de recensenten te overtuigen met zijn energieke en meeslepende mix van rock, soul, pop en punk, die de bandleden 'street pop' noemen.

Bergen is het opstandige broertje dat alles anders wil doen

De geschiedenis van John Olav Nilsen is in veel opzichten het verhaal van een randfiguur. Van jongs af aan en ook in zijn tienertijd was hij in Loddefjord altijd de baas op straat. Hij was het die de kinderen van immigranten hun eerste scheldwoorden leerde in het Noors. En tot voor kort stond hij in het Bergense nachtleven bekend als een vechtjas die dol was op alcohol en bloedige confrontaties. Hij woont weliswaar in een appartement in Bergen, maar voelt zich nog altijd met hart en ziel verbonden met de betonnen flats van Loddefjord. “Sommigen zijn gefascineerd door diamanten, maar ik gooi liever flessen kapot op straat”, zingt hij in "Diamanter Og Kirsebær" [Diamanten en kersen]. De charme van Loddefjord ligt voor hem juist in de schoonheid die je in het desolate geheel kunt ontwaren.

Bergen is in meerdere opzichten het opstandige broertje dat vastbesloten is alles compleet anders te doen dan zijn grote broer. Terwijl alle zangers in Oslo in het Engels zingen, kiezen ze er in Bergen voor om in het plaatselijke dialect te zingen. “Ik zing over dingen die mij aan het hart gaan, en dat kan ik alleen in mijn eigen taal”, legt John Olav Nilsen uit.

Hier weten ze zelfs de regen als een pluspunt uit te leggen. Bergen heeft gemiddeld 235 dagen regen per jaar. Dit betekent dat de inwoners jaarlijks 2.250 mm neerslag over zich heen krijgen. Al die regenval kan misschien deprimerend zijn, maar Marius Bembo denkt het de muziekwereld ten goede komt. “Ik ben ervan overtuigd dat de regen voor een deel verklaart waarom Bergen in muzikaal opzicht zo enorm creatief is. Van september tot maart is hier sprake van een ware zondvloed! Dan moet je wel iets gaan creëren om het droog te houden.”