Grieks referendum: Democratie met junkstatus
2 november 2011
Frankfurter Allgemeine Zeitung
Frankfurt
Wie zijn volk een cruciale vraag voorlegt via een referendum, geldt in Europa als een gevaar voor de openbare veiligheid. Dat is de boodschap van de markten en sinds maandagavond ook die van de politiek.
Twee dagen – zolang heeft de nieuw herwonnen stabiliteit van de Europese elite slechts standgehouden. Twee dagen – tussen het optimisme van peettante Merkel, waarnaar de wereld opkeek, en de daaropvolgende depressie. Een arts weet wat dit is: een pathologie. Hij kan beschrijven hoe ziek de collectieve psyche is, en hoe onwaarachtig en vol zelfbedrog de grootheidswaan is die zij ontwikkelt.
Ontsteltenis in Duitsland, Finland, Frankrijk, en zelfs in Engeland. Ontsteltenis bij de financiële markten en de banken. Ontsteltenis omdat de Griekse premier Giorgos Papandreou een referendum wil houden over een vraag die van levensbelang is voor zijn land.
Binnen een paar minuten na het bekend worden van dit nieuws kon je op dinsdag lezen hoe bankiers en politici dreigden dat de beurzen zouden instorten. De boodschap was helder: de Grieken zouden wel gek zijn als ze 'ja' zouden zeggen. En Papandreou was een waaghals, omdat hij het aan ze durfde te vragen. Maar voordat we de paniek zich laten uitbreiden, is het goed een stap achteruit te doen en duidelijk te onderkennen wat zich hier voor onze ogen afspeelt. Het is het schouwspel van een degeneratie van al die waarden, die ooit in het concept 'Europa' belichaamd leken te zijn.
Een militaire coup zou uitkomst bieden
Een paar voorvechters van de financiële markten gaan nog een stap verder op de zich hier openbarende weg van het morele verval. De Britse Daily Telegraph bericht over een grap, die in financiële kringen – en klaarblijkelijk ook in het Britse kabinet – de ronde doet: Het zou goed zijn, als in Griekenland nu een militaire junta de macht greep, want landen met militaire junta's mogen geen lidstaat zijn van de Europese Unie.
En het Amerikaanse tijdschrift Forbes, toch niet bepaald een kleintje in de wereld van de financiële pers, draait de sluisdeuren nog wat verder open: “Deze grap is juist daarom zo treurig en bitter omdat – als we het kleine probleem negeren, dat Griekenland dan een militaire dictatuur zou worden – het in werkelijkheid een goede oplossing voor Griekenland zou inhouden.”
Je hoeft geen deskundige te zijn op het gebied van de relaties tussen grappen en het onderbewustzijn om te begrijpen hoe op deze manier bepaalde morele conventies uit de naoorlogse periode in naam van een hogere, financieel-economische ratio worden vernietigd. Zulke processen voltrekken zich sluipenderwijs. Soms duurt het tientallen jaren voordat hieruit een nieuwe ideologie ontstaat. Zo is het steevast gegaan in de incubatietijd van de autoritaire regimes van de 20e eeuw.
Je moet goed tot je door laten dringen wat Papandreou precies heeft gezegd en wat in de oren van Europa blijkbaar als het geleuter van een onberekenbaar kind klinkt: “De wil van het volk is bindend.” Als het volk de nieuwe overeenkomst met de Europese Unie afwijst, dan “gaat die overeenkomst niet door.”
In Duitsland, zo herinneren wij ons, verstond men nog maar een paar dagen geleden onder democratie het recht van het parlement om een voorbehoud te maken. Dit was afgedwongen door het constitutionele hof en werd toegejuicht door alle partijen. Daarom moest zelfs een topconferentie van de Europese Unie worden uitgesteld. Niets daarvan geldt blijkbaar nu nog voor Griekenland.
Democratie heeft een prijskaartje
Waar bestaat die onredelijkheid van de Grieken eigenlijk uit? De Griekse premier legt een belangrijke vraag over de toekomst van zijn volk aan datzelfde volk voor. Daarop reageren de zogenaamd voorbeeldig zuinige inwoners en politici van de Bondsrepubliek met paniek – maar alleen maar omdat de financiële markten ook paniekerig reageren. Zij hebben zich allemaal tot gevangenen gemaakt van de verwachtingen, die op de financiële markten worden gekoesterd.
Het wordt steeds duidelijker dat wat Europa momenteel ondergaat, niet zomaar een 'episode' is, maar een machtsstrijd tussen het primaat van de economie en het primaat van de politiek. De politiek heeft nu al enorm veel terrein verloren, maar het proces wint nog steeds aan snelheid. Het absolute onbegrip over de stap van Papandreou betekent dat de democratie sowieso niet zo goed meer wordt begrepen – evenmin als het feit, dat je bereid moet zijn daar een prijs voor te betalen.
Ziet men dan niet in dat we het waardeoordeel over democratische processen nu aan kredietbeoordelaars, analisten en bankgenootschappen overlaten? Zij zijn de afgelopen 24 uur allemaal bestormd met interviews, alsof ze iets te zeggen hadden over het feit dat de Grieken zelf over hun toekomst willen stemmen.
De zogenaamde rationaliteit van financieel-economische processen heeft tot de doorbraak van het atavistische onderbewustzijn geleid. Dat men hele landen als lui en bedrieglijk kon beschimpen, leek samen met het tijdperk van het nationalisme ten onder te zijn gegaan. Nu is deze manier van denken en doen weer helemaal terug, met het zogenaamde 'gezonde verstand' aan haar zijde.
De aantasting van het parlementarisme door de verplichte conformiteit aan de markten legitimeert niet alleen de rol van het volk als ‘buitengewone wetgever’, maar dwingt deze wilsuiting in het geval van Griekenland zelfs af. Want ook in Duitsland kun je er zeker van zijn dat men je 'smoel' niet meer zal willen zien, als je als vrij gekozen afgevaardigde je geweten volgt. Wat een Duitse afgevaardigde, die dit tóch heeft gedaan, is overkomen, ervaart nu een staat, en als het zo verder gaat straks heel Europa.
Papandreou doet niet alleen wat juist is, hij toont Europa ook een weg. Want in deze nieuwe situatie zou Europa alles moeten doen om de Grieken ervan te overtuigen, waarom de door haar bepleite weg de juiste is. Het zou zich daar ook zelf van moeten overtuigen. Het zou de net zozeer met hoge schuldenlasten kampende Europese staten eindelijk duidelijkheid verschaffen, welke prijs er moet worden betaald voor de immateriële waarde van een verenigd Europa.