Martin McGuinness, vice-premier van Noord-Ierland, heeft zichzelf kandidaat gesteld voor de presidentsverkiezingen van Ierland die op 27 oktober gehouden zullen worden. The Independent schetst zijn loopbaan: van IRA-leider tijdens de Troubles tot vredestichter en politicus.
Martin McGuinness, de Ierse presidentskandidaat van Sinn Féin, heeft een lange weg afgelegd sinds de tijd waarin hij de harde kern van de IRA gerust moest stellen dat de organisatie de wapens nooit zou neerleggen om de "gewapende strijd" op te geven. Aan het begin van het vredesproces was het zijn taak om militante twijfelaars, die Gerry Adams en andere republikeinse “aanhangers van de zachte aanpak” ervan verdachten te ver te gaan en de republikeinse leer te snel op te geven, gerust te stellen.
"Ons standpunt is duidelijk en zal nooit, maar dan ook nooit, veranderen", benadrukte hij op zijn karakteristieke 'recht voor zijn raap' manier tijdens een Sinn Féin-conferentie in 1986. "De oorlog tegen de Britse overheersing moet doorgaan totdat we onze vrijheid terug hebben."
Tegenwoordig blijven de wapens echter ongebruikt liggen en is de IRA van het toneel verdwenen. McGuinness zet nu nog uitsluitend politieke middelen in om de Ierse eenheid te bewerkstelligen. Zo zei hij gisteren dat indien hij gekozen werd als opvolger van Mary McAleese, hij bereid zou zijn de Britse koningin te ontmoeten.
Als IRA-leider heeft hij groen licht gegeven aan honderden bomaanslagen
Regeringen in Londen, Dublin en Washington maken zich geen illusies over zijn carrière als hoogste leider van de IRA. In die functie moet hij groen licht hebben gegeven aan honderden schietpartijen en bomaanslagen. De unionisten weten dat ook, maar met hun stem steunen zij de coalitieregering die hij samen met hun politieke vertegenwoordigers leidt.
De weg van guerrillaleider naar presidentskandidaat was lang en hobbelig, en bezaaid met heel wat slachtoffers. Hij werd lid van de IRA in zijn thuisstad Londonderry, lang voordat paratroepers daar dertien mensen vermoordden op 'Bloody Sunday' in 1972. Als jonge man was hij al een belangrijke IRA-figuur, een van de leden van een groep die later dat jaar een ultrageheime ontmoeting zou hebben met een kabinetslid in Chelsea.
Binnen een paar jaar hadden de veiligheidstroepen zich geïnstalleerd om te bestrijden wat de IRA "de lange oorlog" noemde. Dit was gebaseerd op het veronderstelling dat voortdurend geweld de Britten ertoe zou dwingen een terugtrekking uit Noord-Ierland te heroverwegen. Het waren echter de leiders Adams en McGuinness die hier anders over begonnen te denken en concludeerden dat er van terugtrekking geen sprake was. Langzaam maar zeker ontwikkelden zij het alternatieve idee dat de republikeinen de politiek in moesten gaan.
Hij ging als tiener van school maar bleek een opmerkelijk goed bestuurder
Een van de verrassingen tijdens dit proces was dat McGuinness een net zo bekwame politicus als IRA-aanvoerder bleek te zijn. Hij werd Sinn Féin's belangrijkste onderhandelaar en hij en Adams zaten urenlang in overleg met Tony Blair. Daarna ging hij voor de regering in Belfast werken, en ontlokte kreten van ontzetting aan de Unionists toen hij minister van Onderwijs werd. Maar hoewel hij zelf in zijn tienerjaren al van school ging, was hij een opmerkelijk goede bestuurder.
Een andere verrassing was zijn persoonlijke charme waarmee hij veel voormalige tegenstanders voor zich wist te winnen. De bekendste daarvan is wel dominee Ian Paisley, met wie hij een nauwe band kreeg. McGuinness bereikte twee jaar geleden een belangrijke mijlpaal toen hij op een beladen moment gewelddadige republikeinse splintergroepen bestempelde tot "verraders". De volgende mijlpaal werd bereikt toen hij en Sinn Féin er bij nationalisten op aandrongen bij de politie te gaan. Zijn doel, Ierse eenheid, bestaat nog steeds, maar de wapens zijn verdwenen.
Sommige republikeinse dissidenten zijn hier ontstemd over maar zij vormen een kleine minderheid in vergelijking met degenen die het nieuwe pragmatisme steunen. Dat is te zien aan het stijgende aantal stemmen voor Sinn Féin. De partij is op een haar na de grootste partij van Noord-Ierland, waar het nu al de dominante nationalistische kracht vormt.
Ten zuiden van de grens is de winst kleiner, maar werd Sinn Féin toch ook de vierde grootste partij. Met McGuinness als kandidaat zal de populariteit nog meer toenemen. Slechts weinigen voorspellen een overwinning maar als hij een goed figuur slaat, betekent dat wel weer een nieuwe stap op zijn lange weg naar politieke macht.
